Bijlagen

4. Incidentele posten en structurele mutaties reserves

Incidentele posten

Een belangrijk uitgangspunt voor het provinciaal toezicht is een reëel en structureel sluitende begroting. Dit houdt in dat de jaarlijks terugkerende lasten zijn gedekt door jaarlijks terugkerende baten. Hiervoor isoleren we de incidentele lasten en baten in de begroting. Voor 2025 is het beeld:

Incidenteel 2025             x €1.000

lasten

baten

saldo

P1 Klimaat en weer

15.849

7.951

7.898

P2a. Ondernemende stad

8.459

8.131

328

P2b. Onderwijs

233

2.525

-2.292

P2c. Sociale stad

16.839

16.914

-75

P3a. Woningbouw en fijne wijken

64.644

54.672

9.972

P3b. Bereikbaarheid

15.481

12.007

3.474

P4. Veilige wijken

1.020

1.037

-17

P5. Levendige stad

8.802

1.553

7.249

P6. Organisatie

21.090

19.411

1.679

Totaal

152.417

124.201

28.216

De incidentele lasten zijn in 2025 ruim 28 miljoen hoger dan de incidentele baten. Dit komt met name doordat we in de Kadernota 2025 (en ook nu bij deze begroting) de beschikbare incidentele middelen alloceren en storten in verschillende reserves in afwachting van de concrete uitvoering. De begroting voor 2025 is daarmee conform de richtlijnen reëel en structureel sluitend.

Onderstaand volgt per programma een overzicht van de incidentele baten en lasten over het jaar 2025, waarbij de grote mutaties onder de tabel kort worden toegelicht. Projecten maatschappelijk nut lichten we in zijn algemeenheid toe. Op diverse beleidsterreinen voeren we activiteiten projectmatig uit (bijvoorbeeld groot onderhoud, revitalisering bomen, verbeteren luchtkwaliteit). Het betreft hier nadrukkelijk geen investeringen maar exploitatieactiviteiten. Bij de start van een project worden de beschikbare middelen samengebracht in de reserve Exploitatie projecten openbare ruimte meerjarig. De storting in en vervolgens de onttrekking aan de reserve merken we als incidenteel aan. Begrotingstechnisch zijn beide mutaties budgettair neutraal. De mutaties m.b.t. grondexploitatie projecten merken we eveneens aan als incidenteel en ook deze zijn budgettair neutraal.

Programma 1 Klimaat en weer (saldo 7,9 miljoen)
Een bedrag van 6,75 miljoen wordt gestort in reserves t.b.v. openstelling van landgoed de Wielewaal (4,0), oprichting energiebedrijf (2,0) en bidbook schone lucht akkoord (0,75). Daarnaast stellen we voor 2025 (en 2026) 0,75 miljoen beschikbaar voor het Soorten Management Plan.

Programma 2a Ondernemende stad (saldo 0,3 miljoen)
Voor 2025 (en 2026) stellen we 0,6 miljoen beschikbaar voor de economische transformatieopgave binnenstad.

Programma 2b Onderwijs (saldo -2,3 miljoen)
Betreft middelen voor het Integraal Huisvestingsplan (IHP).

Programma 2c Sociale stad (saldo -0,1 miljoen)
Vanuit de beschikbare incidentele middelen worden op dit programma incidentele impulsen gedaan op o.a. uitvoering van de nieuwe visie sociale basis, gebiedsgericht werken, diversiteit en inclusie en maatschappelijke opvang. Tijdelijke rijksmiddelen zijn er voor het Integraal Zorg Akkoord.

Programma 3a Woningbouw en fijne wijken (saldo 10,0 miljoen)
Een bedrag van 12,5 miljoen wordt gestort in reserves t.b.v. voorbereidingskosten Beethoven (5,0) en Eindhoven bouwt door (7,5). Een bedrag van 2,1 miljoen wordt onttrokken t.b.v. integraal gebiedsgericht werken en bijdrage woonwagenwoningen.  

Programma 3b Bereikbaarheid (saldo 3,5 miljoen)
Een bedrag van 2,6 miljoen wordt gestort in reserves t.b.v. het versneld invoeren van 30km zones. Daarnaast worden er voor exploitatieprojecten verkeer middelen gestort en onttrokken.

Programma 4 Veilige wijken (saldo 0,0 miljoen)
Vanuit de beschikbare incidentele middelen wordt op dit programma een incidentele impuls gedaan op straatstewards.

Programma 5 Levendige stad (saldo 7,2 miljoen)
Een bedrag van 5,5 miljoen wordt gestort in reserves t.b.v. huisvesting Design Academy (4,0) en versterking van het design ecosysteem (1,5). Incidentele impulsen zijn er voor de uitwerking van de basisvoorzieningen sport (1,1) en de moderne stadsbieb (1,0).

Programma 6 (saldo 1,7 miljoen)
Een bedrag van 8,2 miljoen wordt gestort in reserves t.b.v. tekorten Beschermd wonen (5,0), onzekerheden rijksbeleid (3,0) en design ecosysteem (0,2). Een bedrag van 3,5 miljoen wordt onttrokken t.b.v. onder meer de Aanbestedingskalender IB (Kadernota 2024). Voor het ontwikkelen van een stadvisie trekken we 0,75 miljoen uit. Daarnaast is er sprake van fte’s die serieel incidenteel gefinancierd worden uit de beschikbare incidentele middelen. Jaarlijks wordt bij de kadernota integraal afgewogen of deze fte’s wel of niet worden verlengd. In de Kadernota 2025 is besloten de fte’s ook in de nieuwe jaarschijf 2028 met 1 jaar te verlengen. Bij de Kadernota 2026 moet deze afweging opnieuw worden gemaakt voor de jaarschijf 2029.

Deze pagina is gebouwd op 01/10/2025 11:01:38 met de export van 11/07/2024 09:01:24